Staatssecretaris Bussemaker maakte dinsdag bekend dat voor de periode 2009-2011 in totaal 80 mln beschikbaar wordt gesteld voor kleinschalige woonvormen voor mensen met dementie. Dat is goed nieuws, want de komende jaren moeten er nog zeker 50.000 plaatsen op die manier gerealiseerd worden. Dat is een heuse opgave.
Ik ben altijd nieuwsgierig waar deze overheidsmiddelen nu precies voor bedoeld zijn. Uit de brief van Bussemaker begrijp ik dat het geld vooral bedoeld is:
- voor intramurale instellingen
- voor omvorming óf uitbreiding van capaciteit
- voor scholing of verandermanagement
2 mln komt beschikbaar voor onderzoek, ondersteuning bij besluitvorming, ict/domotica en advies.
De voorwaarden worden uitgewerkt in een beleidsregel van de NZa. Onderwerpen die dan pas duidelijk zullen worden:
- zijn de middelen ook bestemd voor de eventuele (structurele) meerkosten van kleinschaligheid in vergelijking tot grootschalige, institutionele opvang?
- kunnen de middelen ook voor fysieke nieuwbouw/transformatie gebruikt worden?
- hoe kan uitbreiding bekostigd worden met een regeling die naar duur en omvang beperkt is? Komt er structureel meer capaciteit/budget bij?
- is er kans op verhoging en verlenging van de regeling – dit lijkt me op voorhand wenselijk, gelet op de maatschappelijke opgave
- kunnen ook zorgorganisaties die kleinschalig wonen via PGB/WMO en eigen betalingen mogelijk maken, hier een beroep op doen?
Het is hoe dan ook mooi dat er een extra impuls is voor het kleinschalig wonen. Zorginstellingen: bereid u zich er alvast op voor!
Geplaatst door Hugo van den Beld 



